De campagne tegen fossiele subsidies verloopt letterlijk volgens het boekje

"De belangrijkste eigenschap van elke regering is de gehoorzaamheid en onderwerping van haar onderdanen. Gehoorzaamheid is de kern van politieke macht."

Gene Sharp, wetenschapper en activist

De afgelopen weken vormde de A12 de frontlinie van de Nederlandse klimaatstrijd. Op 9 september stonden er tienduizend demonstranten op of naast het wegdek. Met inzet van drie waterkanonnen en een bataljon aan agenten werden uiteindelijk tegen de drieduizend mensen aangehouden. Daarmee is deze A12-blokkade de grootste burgerlijke ongehoorzaamheidsactie voor het klimaat in de Nederlandse geschiedenis. Bovendien is het Extinction Rebellion (XR) gelukt sinds 9 september elke dag de A12 te blokkeren.

De burgerlijke ongehoorzaamheidscampagne van XR om een einde te maken aan fossiele subsidies verloopt volgens het boekje. Letterlijk. In het in 1973 verschenen The Politics of Nonviolent Action zet de Amerikaanse politicoloog Gene Sharp in 900 pagina's uiteen hoe je met geweldloze strijd sociale verandering kunt afdwingen. Alle mechanismen die Sharp in de jaren zeventig beschrijft zie je terug in de campagne tegen fossiele subsidies van Extinction Rebellion.

Analyses over wat er mis is in de wereld zijn er genoeg. Het gesprek over hoe verandering werkt wordt onder sociale veranderaars, of het nou wetenschappers of activisten zijn, veel te weinig gevoerd. Om groeiende klasseverschillen, diepgewortelde discriminatie en de existentiële dreiging van de ecologische crisis het hoofd te bieden zullen we dit gesprek over strategie veel vaker moeten voeren. Het werk van Gene Sharp vormt hiervoor een goed begin.


Gene Sharp (1928 - 2018) is de grondlegger van het wetenschappelijk onderzoek naar geweldloos verzet. Hij raakt betrokken bij vreedzaam verzet uit ideologische overtuigingen, maar groeit uiteindelijk uit tot een keiharde strateeg met als bijnamen onder andere ‘de dictatorslachter’ en 'de Machiavelli van de geweldloosheid'

Als overtuigd pacifist weigert Gene Sharp in 1953 deel te nemen aan de Koreaoorlog. Hij wordt hiervoor negen maanden gevangen gehouden door de Amerikaanse overheid. In eerste instantie ziet hij zijn principiële actie als belangrijk politiek statement, maar als hij er jaren later op terugkijkt is hij kritisch op het effect van zijn eenmansactie. Het wordt zijn levenswerk om een gedegen theorie van strategisch geweldloos verzet te ontwikkelen. Dit wordt het standaardwerk The Politics of Nonviolent Action dat aan de basis staat van een heel wetenschapsveld. Het praktische handboek From Dictatorship to Democracy dat uitkomt in 1993 inspireert bewegingen over de hele wereld en wordt gebruikt bij het omverwerpen van dictaturen van Joegoslavië tot Egypte. Sharp wordt alom geprezen voor zijn werk, het verhaal gaat zelfs dat hij meermaals is genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede.

Naast lof is er ook kritiek op het werk van Sharp. Zo zou hij hebben samengewerkt met de CIA om regimeverandering voor elkaar te krijgen bij de VS onwelgevallige dictaturen. Zelf heeft hij hierover altijd gezegd dat hij onpartijdig is en zijn strategie alleen werkt op plekken waar de meerderheid van de bevolking verandering steunt. Een andere kritiek is dat Sharp verschillende buitenlandse bewegingen heeft bestudeerd, zonder hen (altijd) het krediet te geven dat ze verdienen. Desondanks blijft Sharps werk één van de meest uitgewerkte en bewezen theorieën van geweldloos verzet.


Aan de basis van Sharps werk staat het begrip macht. Volgens de klassieke theorie, stelt hij, is macht iets wat iemand of een groep mensen ‘heeft’, en zijn mensen zonder macht afhankelijk van wat mensen met macht besluiten. Je zou de klassieke kijk op macht kunnen zien als een piramide. Hierbij stroomt de macht van de top, van de machthebber of machthebbers, naar de rest van de groep toe. De machthebber heeft de macht, en diens onderdanen zijn afhankelijk van de beslissingen die de machthebber neemt. In de klassieke kijk op macht is de macht absoluut en ligt die bij één iemand, of bij een klein groepje mensen. Bovendien houdt de macht zichzelf in stand: heb je eenmaal de macht dan zul je die ook houden.

De geschiedenis laat zien dat de klassieke kijk vaak opgaat, maar niet altijd. Sociale verandering is mogelijk. Machthebbers kunnen vervangen worden en de machtigste instituten op de knieën gedwongen. Samen hebben we de macht om de wereld te veranderen. Maar hoe creëer je deze macht van onderop?

Tegenover de klassieke kijk op de macht stelt Sharp de sociale kijk op de macht, die relevant is voor ons, de mensen die iets aan de wereld willen veranderen en geen bataljons agenten met waterkanonnen tot onze beschikking hebben. "Gehoorzaamheid is de kern van politieke macht", stelt Sharp. Door die gehoorzaamheid te doorbreken kunnen gewone mensen verandering afdwingen. Het doorbreken van die gehoorzaamheid kan bijvoorbeeld door gezamenlijk je werk neer te leggen, te staken, of door massaal een wet te negeren, bijvoorbeeld in de vorm van een wegblokkade. Dit is niet zonder risico, en voor sommige groepen mensen, zoals mensen van kleur en de werkende klasse, veel risicovoller dan voor anderen, bijvoorbeeld de witte middenklasse.

Volgens Sharp is de machthebber altijd afhankelijk van de medewerking van de mensen over wie die de macht heeft. In de sociale kijk op de macht staat de piramide uit de klassieke kijk op de macht op zijn kop. De macht stroomt niet van de enkeling in de punt van de piramide uit over de rest van de groep, maar juist van de brede groep, de bron van de macht, naar de machthebber toe. Macht is niet absoluut, maar wordt gedeeld door allerlei instituten, groepen en personen. Om de macht te behouden zijn machthebbers afhankelijk van de “goede wil, besluiten en steun” van de mensen over wie ze macht hebben. Macht is dus niet iets wat een machthebber ‘heeft’, maar relationeel. Daarom is de macht ook kwetsbaar. De machthebber moet de steun voor diens macht keer op keer opnieuw winnen.

De A12-blokkades laten zien hoe snel mensen hun medewerking aan de machthebbers kunnen stoppen. De eerste wegblokkade, in juli 2022, bestond uit enkele tientallen mensen. Op zaterdag 9 september waren dat er tienduizend, een voorlopig hoogtepunt. En nog steeds gaan de blokkades elke dag door. Hoe heeft een kleine wegblokkade kunnen uitgroeien tot de huidige massaprotesten? Dat komt omdat wegblokkades de overheid voor een onmogelijk dilemma plaatsen. Wanneer die niet ingrijpt, en de demonstranten laat zitten, wordt duidelijk hoe beperkt de macht van de overheid is, en verliest die aan legitimiteit. Wanneer de overheid aan de andere kant wel ingrijpt zorgt dit ervoor dat er meer aandacht is voor de protesten, waardoor die nog meer zullen groeien.

Activisten die gebruikmaken van burgerlijke ongehoorzaamheid spelen met deze dynamiek. Burgerlijke ongehoorzaamheid is het doelbewust, vreedzaam en proportioneel overtreden van de wet om aandacht te vragen voor een maatschappelijk onrecht. Door de wet te overtreden dwingen activisten een confrontatie met de overheid af. Wanneer die vervolgens repressief optreedt, of gebruikmaakt van (excessief) geweld tegen vreedzame demonstranten, zorgt dit ervoor dat meer mensen zich tegen de overheid keren en het protest groeit. Gene Sharp noemt dit fenomeen politieke jiujitsu, naar de Japanse vechtsport waarbij je de kracht van de aanval van de tegenstander gebruikt om die uit balans te brengen. Door een zichtbare tegenstelling te creëren tussen de repressieve, vaak gewelddadige overheid aan de ene kant en vreedzame demonstranten aan de andere wordt zichtbaar aan welke kant die overheid staat. Hierdoor draaien activisten de overmacht van de overheid op tactisch niveau om in een voordeel voor hen op strategisch niveau.

Dit is wat je zag gebeuren toen de politie in januari van dit jaar acht activisten, waaronder ikzelf, van ons bed lichtte omdat we op sociale media hadden opgeroepen de A12 te blokkeren. Een golf van verontwaardiging ging door Extinction Rebellion. Meer dan vijftig organisaties uit het maatschappelijk middenveld spraken zich uit en wat volgde was het grootste protest tegen de fossiele subsidies tot dat moment. Repressie tegen vreedzame demonstranten zet de zaken op scherp en dwingt mensen een kant te kiezen. Daarmee kan het het tegenovergestelde bereiken van wat de overheid ermee wil.

Om een zo scherp mogelijk contrast te creëren tussen demonstranten en de overheid pleit Gene Sharp in zijn werk voor absolute geweldloosheid. Dit is een belangrijke strategische overweging bij het vormgeven van een burgerlijke ongehoorzaamheidscampagne. Het betekent echter niet, wat veel mensen die zich bezighouden met sociale verandering tegenwoordig beweren, dat vreedzaam verzet per definitie de meest succesvolle, of zelfs de enige succesvolle, strategie is. Sterker nog, veel bewegingen die worden neergezet als vreedzaam waren dat helemaal niet. Zo is er sprake van 'vreedzaamheidswassen' als de suffragettes, die streden voor vrouwenkiesrecht, worden neergezet als vreedzaam. Op verschillende plekken maakten zij gebruik van brandstichting en zelfs de inzet van bommen werd niet geschuwd. Waar afgelopen jaar geschokt werd gereageerd op het gooien van soep op de glazen platen voor kunstwerken, hebben de suffragettes daadwerkelijk kunst vernield.

Ook Extinction Rebellion deed de geschiedenis van verandering vreedzamer voor dan die is. In de 'Heading for Extinction-talk', een presentatie die alle nieuwe Rebellen krijgen, werd in de begindagen van de beweging benadrukt dat alle sociale verandering is afgedwongen door vreedzaam verzet. Als ‘bewijs’ hiervoor werden Gandhi en Martin Luther King aangehaald. In beide gevallen is echter te beargumenteren dat het juist de combinatie van hun vreedzaam protest in combinatie met (de dreiging van) gewelddadig verzet was die voor verandering heeft gezorgd. In Nederland heeft Extinction Rebellion inmiddels dan ook een genuanceerdere strategie. Extinction Rebellion voert zelf vreedzaam campagne, maar ze erkent ook dat ze dat doet in een breder ecosysteem van verzet en zal groepen die gebruik maken van sabotage niet publiekelijk veroordelen.

Het succes van de campagne tegen fossiele subsidies uit zich niet alleen in de hoeveelheid mensen die de straat op gaat. Ook andere maatschappelijke groepen gaan om. Steeds meer kerken, ooit een belangrijke pijler onder de vredesbeweging, komen in beweging. Ambtenaren beginnen zich uit te spreken en organiseren zich op de werkvloer en in groepen als XR Ambtenaren. Klimaatwetenschappers spreken zich niet langer alleen via hun werk uit, maar komen ook direct in actie. Groepen als kerken, het ambtelijk apparaat en de wetenschap worden door Sharp steunpilaren van de macht genoemd. Dit zijn de spelers waarvan de machthebber afhankelijk is om diens macht te behouden en uit te oefenen. Belangrijke steunpilaren van de fossiele industrie zijn bijvoorbeeld financiële instituties, maar ook de media, waar de fossiele industrie legitimiteit uithaalt, de rechterlijke macht en de politie en het leger.

Sharp stelt dat je een overheid of bedrijf kunt laten veranderen door één voor één zoveel mogelijk steunpilaren omver te trekken. De gedachte hierachter is dat de tegenstander als geheel te sterk is om in één keer te veranderen, maar dat de losse steunpilaren van de macht bestaan uit mensen, die je kunt beïnvloeden. Als maar genoeg steunpilaren omgaan kan zelfs de sterkste machthebber uiteindelijk niet overeind blijven. Ook in een niet-revolutionaire situatie zoals in het Nederland van nu, kunnen steunpilaren van de macht uit eigenbelang om gaan.

Mogelijk staat er zoiets te gebeuren met de Nederlandse politieorganisatie. Op de dag voor de marathonprotesten op de A12 begonnen riepen de vier politievakbonden de politiek in een open brief op om in gesprek te gaan met Extinction Rebellion. Ze geven aan dat 'de toenemende inzet voor het begeleiden van protestacties begint te wringen.' Agenten willen in hun woorden 'weer de wijk in, boeven vangen, er zijn voor de burger.' De brief van de bonden is veelzeggend omdat Extinction Rebellion normaal gesproken lijnrecht tegenover de politie staat, die bij het beëindigen van demonstraties regelmatig gewelddadig optreedt. Op WNL roept de Nederlandse politiebond de politiek op een bemiddelaar in te schakelen om met Extinction Rebellion in gesprek te gaan. Ook spreken verschillende individuele agenten zich uit voor XR.

Tijdens de protesten lijkt het alsof er niks is veranderd. Als vanouds gebruikt de politie disproportioneel veel geweld om de demonstraties van Extinction Rebellion neer te slaan. Mensen van kleur en mensen die er expliciet queer uitzien worden hierbij het hardst geraakt. Het zou echter de plank mis slaan om de verschuivingen binnen de politie daarmee weg te zetten als betekenisloos. Als we het principe van politieke jiujitsu moeten geloven zou de gewelddadige politierepressie juist in het voordeel van Extinction Rebellion kunnen werken. Dagen, of zelfs wekenlange politieinzet zal bovendien tot nog meer interne kritiek leiden van agenten, die liever elders worden ingezet. Zo draagt de repressie van de A12-protesten mogelijk aan twee kanten bij aan haar succes. Dit moet voor de autoriteiten een ironische conclusie zijn.

Steeds meer mensen sluiten zich bij Extinction Rebellion aan. Steeds meer steunpilaren van de macht beginnen te wankelen. In dit existentiële moment in de menselijke geschiedenis heeft de Nederlandse klimaatbeweging, in ieder geval heel even, het tij mee. Het zou kunnen dat de campagne tegen fossiele subsidies alsnog mislukt. Maar mocht er op dit belangrijke sociale kantelpunt een overwinning worden bevochten, dan komt dat mede door het werk van Gene Sharp en de lessen die we eruit hebben kunnen trekken.

Lees hier meer over Jelle de Graaf

Terug naar overzicht